Radicalisme of afgekoelde soep?

Preek 24e zondag door het jaar (13 september 2015), jaar B.

Lezingen: 1e lezing Jes.50,5-9a ; 2e lezing Jakobus 2,14-18 ; Evangelie Marcus 8,27-35

Beste medegelovigen,

Een radicale keuze maken in je leven kan verstrekkende gevolgen hebben. Jezus is in de Evangelie-perikoop zeer stellig met zijn vraag aan Petrus: “Maar gij, wie zegt gij dat ik ben?” Het lijkt erop dat Jezus daarmee nogal druk legt op zijn leerlingen, in de trant van: Jullie geloven toch zeker niet wat de mensen zeggen? Jezus lijkt hier aan te sturen op een nogal beperkte keuze voor zijn leerlingen: Is het zwart of wit? Meer kleuren zijn er kennelijk niet in de aanbieding.

Daar sta je dan, wellicht met al je twijfels, vragen, zorgen, beperkingen, lasten en lusten. Wat moet je antwoorden? Welke kant gaat je leven op als je hier datgene antwoord wat Jezus graag schijnt te willen horen en waar hij schijnbaar op aanstuurt?

Gaat je leven eruitzien als van een martelaar? Zoals de eerste lezing, genomen uit Jesaja, dat zo beeldend verwoordde: “Mijn rug bood ik aan wie mij sloegen, mijn wangen aan wie mij de baard uitrukten en mijn gezicht heb ik niet afgewend van wie mij smaadden en mij bespuwden”, een tekst, die we wellicht herkennen uit de Goede Week. Totale vernedering! Is dat het waar Jezus ons voor het martelaarsschap wil laten kiezen?

Maar die lezing gaat verder: “God staat naast mij, Hij is mijn vrijpleiter, God zal mij helpen en wee diegene die mij schuldig zal verklaren.” Voor hen die door een akkefietje overdreven ernstig in het nauw worden gebracht is deze tekst regelrechte troost vanuit de Hemel. Maar ook voor hen die ernstige fouten hebben begaan in hun leven en daar spijt en berouw over hebben getoond, kan deze tekst uiteindelijk een grote steun zijn om weer opgericht en met vertrouwen verder te gaan in het leven, ondanks de littekens! Dat is voor mij en wellicht ook voor u heel herkenbaar…!

Of gaat mijn leven, door mijn antwoord aan Jezus de kant op van mezelf wegcijferen door het doen van goede daden? Mijn geloof is dood, zo zegt de tweede lezing uit de Jakobus-brief, als ik geen daden laat zien die dat geloof onderstrepen. Ook hier ontstaat een gewetenskwestie, want er zijn vele daden van diaconie, medemenselijkheid en naastenliefde waar ik moeite mee heb of geen tijd voor heb. Moet ik mij verplicht voelen om elke bedelaar wat te geven, zodat ik niks meer overhoud voor mezelf of omdat ik anders wordt aangesproken op mijn zwakke Christelijke levensstijl, omdat ik een bedelaar voorbijgelopen ben?

Jezus leert aan Zijn leerlingen in de Evangelie-perikoop, dat Hij gaat lijden op korte termijn, dat Hij gedood zal worden en na drie dagen weer zal verrijzen. Petrus is heeft daar zo zijn twijfels bij en opnieuw gaat Jezus daar zwart/wit overheen met zijn repliek: “Ga weg, satan, terug! Want gij laat u leiden door menselijke overwegingen en niet door wat God wil!”

Opnieuw die ongemeen felle benadering, die Jezus door de Evangelisten in de mond wordt gelegd, gevolgd door: “Wie Mijn volgeling wil zijn moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen. Want wie zijn leven wil redden zal het verliezen. Maar wie zijn leven verliest omwille van Mij en het Evangelie zal het redden.”

Radicale Korantekst op een poster. ©PVV Utrecht

Er staan in de Bijbel veel radicale uitspraken, teksten, regeltjes. In de Koran staan evenzo van die ongemeen felle teksten. Een aantal van die teksten zijn onlangs op grote posters op diverse plaatsen in Nederland opgehangen om te laten zien hoe ‘slecht’ de Koran is en wat voor een ‘verfoeilijk’ geloof die Islam wel niet is. In de Bijbel zijn evenzo afschuwelijk, mensonterende en bangmakende teksten te vinden…

Wil Jezus ons bang maken? Bij het lezen van de teksten van vandaag ter voorbereiding op deze Woord- en Communie-viering en deze overweging, kwam in mij een andere benadering van Jezus voor de geest in het volgende hoofdstuk, het negende hoofdstuk, van het Marcus-Evangelie, als Jezus Zijn leerlingen onderricht geeft.

In vers 38 zegt de apostel Johannes, de geliefde leerling van Jezus, tegen Hem: “Meester, we hebben iemand in uw naam demonen zien uitdrijven, en wij hebben hem tegengehouden, omdat hij geen volgeling van ons was.” Nu zou ik een even radicale opstelling van Jezus verwachten. Zoals ik al vele malen in mijn leven menig rechtlijnige denker binnen mijn Rooms-Katholieke Kerk heb meegemaakt. In de trant van: “Zo zijn de regels. Net als voetbal: als je je niet aan de regels houdt krijg je straf.” Ik kan u dit vertellen: Ik kom in opstand als mijn leven vergeleken wordt met een spel of een andere wereldse aangelegenheid! En dit is maar één wijze, waarop aan talloze gelovige mensen omwille van hun levenswandel, scheiding of hoe hun leven er verder ook uitziet de deur, de kerkdeur, is gewezen.

Tegen alle verwachtingen in zegt Jezus tegen Johannes over iemand die in Jezus’ naam duivels uitdrijft en daarvan heeft weerhouden: “Houd hem niet tegen, want iemand die in mijn naam een machtige daad verricht, zal niet gauw kwaad van Me spreken. Immers, wie niet tegen ons is, is vóór ons.” Volgens mij is dit zo’n beetje de leidraad van onze Paus Franciscus.

Paus Franciscus tijdens het bezoek aan een ziekenhuis in Rio de Janeiro , waar ook drugverslaafden worden opgevangen. ©Siciliani-Gennari/SIR

Duivels uitdrijven, goede daden naar draagkracht doen als uiting van je geloof, steunen op God als anderen je uitkotsen: Jezus geeft ons allen hiermee een, laat ik het eens modern zeggen, enorme ‘boost’, oppepper, een warme arm, een bemoedigende klap op de schouder, een warme blijk van medeleven en ondersteuning. Want als wij daadwerkelijk keuzes maken in ons leven om ons kruis op te nemen (zie ons Evangelie van vandaag), daden van geloof te laten zien (zoals de brief van Jakobus ons voorhoudt) of vervolgd worden (lazen we in Jesaja) dan zal God, Jezus ons daarbij helpen, ons er doorheen slepen, ons tot steun zijn.

Hoe doet Hij dat? Is dat niet zichtbaar door ons omzien naar elkaar? Wordt daarin niet het gelaat van Jezus weerspiegeld? Raakt Jezus ons aan als wij geconfronteerd worden met vluchtelingen? Of zijn die vluchtelingen alleen maar gelukzoekers? Bent u een ongelukszoeker? Zijn wij niet allemaal gelukzoekers? Door keuzes te maken in ons leven hopen we allemaal geluk te vinden.

Vluchtelingen, wanhoop en overvolle treinen. ©EFE

Laten we elkaar het geluk niet afpakken. Jezus zal ons bij onze levenskeuzes tot inspiratiebron zijn en blijven, op weg naar Zijn Koninkrijk, Hierna, maar óók hier!

AMEN

 

Advertenties

Over Emmanuel
"Optimist tot in de kist!"

Reacties zijn gesloten.