Op weg naar Emmaüs

De Emmaüs-gangers, samen met de ‘vreemdeling’. ©Afbeelding: Janet Brooks Gerloff, Abtei Kornelimünster. ©Foto: Hüsch/Abtei Kornelimünster

Preek 3e zondag na Pasen, jaar A
1e Lezing: Handelingen 2,14.22-32 ; Tussenzang: Psalm 16,1-2a.5.7-11 ;

2e Lezing: 1 Petrus 1,17-21 ; Evangelie: Lucas 24,13-35

Beste mede-parochianen,

De drie lezingen die we zojuist gehoord hebben kun je op twee manieren zien als een drieluik. En elk drieluik heeft haar eigen consequenties.

Het eerste drieluik noem ik het historische drieluik. Hierin zie je van links naar rechts het evangelie, de 1e lezing en de tweede lezing en kijk je dus naar de lezingen vanuit een historisch besef. Wat dat inhoudt? De verhalen over Jezus werden pas veel later opgetekend. Zo kijkend kun je dan concluderen dat het Emmaüsverhaal pas later ingekleurd werd met teksten uit het Oude Testament, welke bij uitstek toepasbaar waren op Jezus. Hierdoor kreeg de verkondiging meer lading en kracht. Een mogelijke enkele verwijzing die de vreemdeling naar de vroegere Schriften maakte is wellicht rijkelijk aangevuld en later hebben de 1e lezing en de tweede lezing daar nog een schepje bovenop gedaan. Het kan de geloofwaardigheid en kracht van het levensverhaal van Jezus alleen maar vergroten.

Het tweede drieluik noem ik het gelovige drieluik. Hierin krijgt het Evangelie een plekje in het midden, met links daarvan de eerste lezing en rechts ervan de tweede lezing. Wij als toehoorders weten hoe de geschiedenis verlopen is. Wij luisteren nu met de voorkennis naar de verhalen, voorkennis die de leerlingen destijds niet hadden. Wij raken niet in paniek op Goede Vrijdag, want wij weten toch wel dat Jezus met Pasen verrijst. Daarom ook worden wij met de eerste lezing eraan herinnerd hoe het ook alweer zat met de in het Oude Testament aangekondigde Goddelijke voorbestemming van Jezus als de Messias. Met die kennis reeds in ons rugzakje lezen we het Evangelie dan als een “Zie je wel, zo was het voorspeld, maar dat hadden die leerlingen niet door. Zij waren verblind.”, En de tweede lezing fungeert dan weer, net als in het historische drieluik, als een reglementaire vermaning.

Naar welk drieluik kijkt u het liefst? Het historische of het gelovige drieluik? Ik ga altijd graag op zoektocht om vanuit het dagelijkse leven met een andere blik naar de Bijbelse verhalen te kijken. Ik neem u in deze preek graag even mee op zo’n zoektocht.

Lees meer over dit bericht

Pelgrimstocht naar Pasen

Preek 2e Zondag van de Veertigdagentijd, Jaar C
1e Lezing: Genesis 15,5-12.17-18 ; 2e Lezing: Filippenzen 3,17-4,1 ;
Evangelie: Lucas 9,28b-36

Beste mede-parochianen,

In de afgelopen maanden hebben wij thuis de documentaire-serie van de KRO over transgenders “Hij is een zij” gevolgd. Mensen, soms jonge mensen, die in het leven niet het geluk vonden, omdat zij anders waren. Op zoek naar geluk. Wie ben ik? Ik wil worden wie ik in feite ben. Mag ik gelukkig worden? Wijst het leven, wijst God ons de weg naar het geluk? Niet alleen het geluk in het Hiernamaals, maar ook in het hier en nu?

Boven vlnr: Suus, Ryan, Eveline. Onder vlnr: Bo, Loena, Rens, Martin. Inzet: Arie Boomsma ©KRO

Wij zijn op weg naar Pasen. Op zoek naar licht. Op zoek naar geluk. Op zoek naar een nieuwe identiteit. Bijvoorbeeld in deze voorbereidingstijd op Pasen. Zal het licht, Gods licht, doorbreken? Mogen wij op vernieuwde wijze door het leven gaan, hier en nu, om de Weg naar het Hiernamaals nog beter te onderscheiden?

Lees meer over dit bericht

Rouw en ellende afleggen?

1e Lezing: Baruch 5,1-9 ; 2e Lezing: Filippenzen 1,3-6.8-11 : Evangelie: Lucas 3,1-6

Beste mede-parochianen,

De Adventstijd, die wij vorige week zijn ingegaan, wordt in de liturgie begeleid met de kleur paars, dezelfde kleur van voorbereiding en boetedoening als in de Veertigdagentijd. Maar…beleeft u de Adventstijd ook hetzelfde als de Veertigdagentijd? Ik bedoel dit: is voor u de intensiteit van die boete, van die voorbereiding in beide perioden hetzelfde? Laat ik vooropstellen, dat ieder zijn eigen beleving heeft. Ik zal, wil en mag daar niets aan toevoegen of afdingen.

Ikzelf beleef ik de Veertigdagentijd echt als een tijd van eens goed naar mezelf kijken, naar mijn moeilijke en duistere kanten. Ik wil die onder ogen zien, daarvoor vergiffenis vragen aan God en mijn medemensen en ervan te leren, door niet steeds een nog grotere ezel te zijn en mezelf meerdere malen aan dezelfde steen te stoten.

Lees meer over dit bericht