Vaarwel 2017

Vaarwel! Vaar wel!

Vaarwel. Het is een afscheidsgroet met een nogal definitieve lading.
Ga ik dat woord ontleden in “Vaar wel!”, dan klinkt het heel wat positiever.
“Behouden vaart!’ Dat het je goed moge gaan, welke kant je ook op gaat.

“Ga met God” is er ook zo een. Je wenst iemand toe dat God zijn gezel zal zijn, de weg-wijzer, de gids. De Franciscaanse groet “Vrede en alle goeds” is ook zo’n wens die verder reikt dan het standaard “Tot ziens!” Ook het “Vaarwel 2017” reikt verder en gaat dieper, zeker voor iedereen die deze column leest. Mijn laatste column in de laatste UCEA.

En daarom: vaarwel CHJC, vaarwel UCEA. Het is einde verhaal.
Het is een verhaal dat 34 jaar geleden begon. Lief en leed kwamen voorbij. Er werden nieuwelingen ontvangen, zoals ik. Vol schroom begaf ik mij op het nieuwe levenspad dat homoseksueel gekleurd werd met die Bijbelse regenboog. Nooit zal ik een verhaal beter begrijpen dan dat verhaal van die regenboog: NOOIT meer zal God de mensheid verwoesten. En mocht Hij het toch in z’n bol halen, dan roept de regenboog Hem weer tot de orde. Een mooiere Bijbelse belofte is niet denkbaar!

Ik kan mijn hele nieuwe wandeling door CHJC-land gaan neerpennen. Dat wordt een lang verhaal. En zo heeft iedereen een verhaal, vaak langer als je zelf aanvankelijk denkt. CHJC heeft ongelooflijk veel betekend voor velen. Delen van elkaars geloof. Praten over God, Bijbel, Jezus. Op zoek naar bevestiging, geluk, liefde, vriendschap, genegenheid, gezelligheid, intimiteit, warmte, noem maar op. Vele vriendschappen voor het leven ontstonden er. Ik mocht binnen CHJC de liefde van mijn leven vinden. En zo zijn er vele mooi en ontroerende verhalen en herinneringen!

Daarom ook ben ik verdrietig. Omdat CHJC straks niet meer bestaat. Er komt iets nieuws. Vage contouren, mistigheid en onzekerheid. Een mening van leden wordt gevraagd om 1 minuut voor 12…! En op 1 januari 2018 moet het er zijn…?

De weg er naar toe was niet netjes. Dit is politiek uitgedrukt. Het kan ook anders verwoord worden. Lees mijn visie in “Crisis” en mijn commentaar in “ALV-terugblik” van 2016 nog maar eens terug. Maar ik hoorde ook veel geluiden in het afgelopen jaar uit den lande. Een kleine greep: “Er is een coupe gepleegd.” / “Het is puur een vijandige overname.” / “ ‘We blijven in gesprek met mensen die een andere mening hebben’ werd er vorig jaar gezegd, maar ik wist toen al dat ook dat voor de buhne was.” / “Wat er straks komt? ContrariO 2.0 !”
De sterkste opmerking ontving ik daags voor de ALV van 4 november: “Gaan jullie morgen nog naar de uitvaartplechtigheid van het CHJC?”
Alvorens ik ook goede wensen wil uiten, geef ik graag eerst deze heldere ontboezemingen middels deze laatste column in deze laatste UCEA mee aan de nieuwe bestuurders van de nieuwe vereniging ter bezinning en lering.

Maar ik wil nu óók wat anders kwijt:

Vaar wel!
Vaar wel, nieuwe club!
Vaar wel, nieuw verenigingsblad!
Vaar wel, kies het ruime sop van de veelkleurigheid!
Vaar wel, met een zekerheid die zelfs de Bijbelse zekerheid overstijgt!
Vaar wel! Behouden vaart! Ga met God! Vrede en alle goeds!

Advertenties

CHJC: Verdiepende gezelligheid

Met interesse en betrokkenheid heb ik het mooie interview gelezen met een lid van CHJC in de UCEA van november. De oproep van de redactie om hierop te reageren had ik bij het schrijven van onderhavig stukje nog niet eens opgemerkt (foei!).

In september 2010 was ik 15 jaar lid van CHJC. Indertijd trad ik uit het klooster met de wetenschap dat er een club bestond van gelovige homo’s en lesbiennes. Ooit had ik, gedurende mijn kloostertijd, een interview gelezen van een CHJC-lid in Hervormd Nederland. Dat interview zat nog altijd vers in mijn geheugen. De combinatie van gelovig en gezellig met gelijkgestemden omgaan trok mij wel aan.

In het klooster had ik de nodige geestelijke bagage meegekregen en ik zocht op dat moment niet een bezinningsclub. Toch was het gelovig aspect binnen CHJC voor mij wel degelijk een belangrijke reden om voor CHJC te kiezen. Bovendien bleken er ook Rooms-Katholieken lid te zijn. Voor mij was en is vanuit oecumenisch perspectief een Christelijke club niet per definitie ‘gristelijk’ (lees: protestants), dus al met al was CHJC volgens mij op mijn lijf geschreven. En dat is het nog steeds!

Etikettering

Gedurende de daarop volgende jaren hoorde ik van meer clubs met een ‘gristelijke’ dus Protestants-Christelijke achtergrond, zoals Contrario. Het deed me goed om te horen dat er ook een homo-club bleek te bestaan voor de wat meer ‘bevindelijke’ mede-Christenen, die weliswaar wat zwaarder op de hand leken, maar gelukkig ieders eigen levenskeuze (wel of niet homoseksualiteit praktizeren) respecteren zonder zonde-etiketje. Want dat had ik vanuit mijn eigen geloofservaringen al helder gekregen: God zegende mijn leven in het klooster en daarbuiten, homo-praktizerend of niet. God doet dat nu nog steeds, zonder onderscheid. Pas wanneer ik anderen pijn doe, tekort doe, niet respecteer, niet behandel zoals ik zelf bejegend wil worden, ja, dan heb ik met hen en met Hierboven wat goed te maken en recht te zetten! Ik vind het pijnlijk, dat ik situaties in mijn leven heb gekend, waarin ik met medemensen iets niet heb kunnen goedmaken. Vergeving van Hierboven is maar de helft van vergeving…!

Ik ben dus wat huiverig geworden voor etikettering, maar besef me terdege dat ik er af en toe nog best mee worstel, bijvoorbeeld als ik de tegenstrijdige Kerkleer-stromingen in mijn eigen RK-Kerk bezie en voorzie van commentaar.

Waar ik ook mee worstel is de houding van nog een belangenclub voor gelovige homoseksuelen, namelijk RefoAnders. Was deze groep, opgericht door Johan Quist, aanvankelijk niet tegen samenlevende homoseksuelen, inmiddels is dat in de huisregels al enige tijd aangescherpt, wellicht ook om daardoor een betere ingang te hebben bij de zware Protestantse kerken. Wat Johan met RefoAnders bewerkstelligt is zeker te prijzen, want (al dan niet gepraktizeerde) homoseksualiteit ligt nog altijd gevoelig in die kringen. Maar…het ligt kennelijk ook gevoelig bij RefoAnders zelf, want op praktizerende homoseksualiteit wordt indirect het etiketje zondig geplakt (LINK), iets wat ik vanuit een nieuwe wijze van Bijbellezen niet meer herken.

Samen optrekken?

Toch denk ik, dat het goed is, als de verschillende verenigingen en groeperingen voor gelovige holebi’s vaker samen optrekken en gezamenlijk naar buiten treden, zoals met de Thema-dag “Mensen met gevoelens”, op zaterdag 12 februari in Utrecht. Bovendien dekt de vlag van het LKP (Landelijk KoördinatiePunt groepen kerk en homoseksualiteit) de vele ladingen en kan, lijkt mij, veel beter bijvoorbeeld het contact met de Kerken coördineren en begeleiden dan de individuele verenigingen en groeperingen, die vaak niet de mankracht en expertise daarvoor is huis hebben.

Ik heb al vaker gezegd en geschreven, dat er net zoveel Bijbelinterpretaties zijn als dat er gelovigen zijn. En allemaal blij met de inspiratie van de ene Heilige Geest… Daarom ben ik blij met mijn en ons CHJC, omdat hierin strenge en zoekende gelovige homoseksuelen, rand- dan wel niet-kerkelijk, praktizerend en celibatair, van welke kerkelijke gezindte dan ook, samen door één deur kunnen gaan, zonder verscheurende of etiketterende discussies.

Daarom ook ben ik wat huiverig om CHJC te laten versmelten met Contrario of RefoAnders. Dat de Bezinningsgroep binnen CHJC enige tijd ter ziele is gegaan, heb ik als pijnlijk ervaren. Niet omdat ik er vaak kwam (ik heb een of twee keer een bijeenkomst meegemaakt), maar omdat ik de mogelijkheid van verdieping en bezinning van groot belang vind voor een vereniging met een “C” van Christelijk. Toch is een broederlijke en respectvolle omgang met elkaar een teken van een Christelijke basis. Die omgang en het ‘dragen’ van elkaar (zie mijn column in de UCEA van november) is voor mij uitermate verdiepend.

Los daarvan zijn er meerdere activiteiten in onze regio Zeeland/West-Brabant, die recht doen aan bezinning en verdieping, zoals onze thema-activiteit in februari en de Adventsviering in december, welke laatste wij na het ter ziele gaan van onze Belgische zustervereniging “Effeta”, afgelopen december zelf op touw hebben gezet onder de bezielende leiding van ons regiolid Friedhelm. En niet zonder succes! In de regio Zuid-West zijn de geregelde gespreksgroepen niet meer weg te denken uit het activiteitenlijstje. Maar…CHJC is wat mij betreft ook nog steeds het gezellige appeltaartclubje, want door ontspannen met gelijken gezellig bij en onder elkaar te zijn creëer je een warm bad, een warm nestje, waarin zoekenden, kerkelijk afgewezenen, gelukkigen, af-en-toe-leden en trouwe regioleden een beetje ‘thuis’ zijn.

Om die homogeniteit (mooi woord voor eenheid…!) niet te verliezen, zie ik CHJC liever niet samengaan met bv Contrario, al wil ik niet beweren dat er na een fusie geen mooie nieuwe vereniging zou ontstaan. Liever zie ik een hernieuwde animo en behoefte voor een actieve Bezinningsgroep, al heb ik door mijn eigen kerkelijke activiteiten zelf geen behoefte daaraan. Ik en mijn vriend zijn volledig opgenomen in elkaars plaatselijke kerkgemeenschappen. In die zin doen wij de doelstelling van CHJC alle eer aan, al noem ik dat geen verdienste. Zou het Gods Geest zijn?