Licht en duisternis

“De aarde was woest en leeg; duisternis lag over de diepte en de Geest van God zweefde over de wateren”

(Gen.1,2)

Grappig om te zien dat dit decor vaak ‘doorverkocht’ is voor gebruik in films als “The Lord of the Rings”, Hobbit en Harry Potter, welke laatste die zwevende Geest meesterlijk nabootste. Voor de helderheid: ik ben van dit genre films geen fan.

Licht en duisternis. Twee uiterste varianten die ontelbare allegorische, mystieke, vreugdevolle en dreigende uitleggen hebben gekregen. Denk aan het voorbije Kerstfeest, een ver-Christelijking van de Winterzonnewende, waarna de dagen weer gaan lengen, het licht weer de overhand krijgt en dus een prachtig (Westers) tijdsgewricht is om de komst van Christus als het Licht der wereld te gedenken. Het is niet gek, dat veel mensen de duisternis in die tijd willen verdrijven met extra licht: in een boom, aan het huis. Het geeft sfeer, warmte, goed gevoel en in mijn geval verwijs ik daarmee graag naar de komst van Jezus als een Lichtend voorbeeld. Zo’n lichtend voorbeeld is ook onze nieuwe paus Franciscus. De Leer der Kerk zal met zijn komst niet veranderen, maar zijn benadering van heikele onderwerpen verdrijft ineens veel duistere hoeken van de Kerk. En vele al dan niet conservatieve prelaten die in die duistere hoekjes werkten vluchten als angsthazen weg. En niet alleen de Kerk kent duistere plekken. Ieder mens, ieder mensenleven, iedere gemeenschap kent duistere kanten die we liever niet aan het licht zien komen. Heet dat privé? Heet dat ‘de schone schijn op houden’? Je ziet het vaak gebeuren. Mooie woorden, goede uitstraling, recht in de leer en streng naar andersdenkenden toe. De duistere kanten zitten veilig in een doofpot, want ‘wir haben es nicht gewusst’.  Of het wordt afgekocht met zwijggeld. Het is de moderne en dezelfde nutteloze manier van het afkopen van je zielenheil, zoals die Brabantse parochiekerk getuigt van het afkopen van zielenheil door de vroegere plaatselijke boterfabrikanten in de vorm van een vetbetaald Hoogaltaar en glas-in-lood-ramen, waarin doorgaans de gulle gevers als Heiligen zijn afgebeeld. Dat heet(te): rijkdom vergaren op scheefgegroeide religieuze volksverlakkerij. Werken der duisternis?

Maar: een mens verandert ook in zijn levensjaren. Wat eens in de duisternis plaatsvond, komt nu in het volle licht. Wie uit de kast komt, komt in het volle licht met wat eerst duister heette. Of je verlegt je grenzen. Wat eerst duister was is nu deel van je leven geworden.

Eén voorbeeld: de GayPride in Amsterdam. Voor de één is het een steen des aanstoots, zèlfs binnen de homowereld (het roept stigma’s en vooroordelen op over homo’s en de erotiek wordt niet bepaald weggestopt). Voor de ander is het een feest van jezelf kunnen en mogen zijn en gelijken te ontmoeten, soms maar voor één nacht…! Wat duister is/was, komt in het volle licht. Maar de (ruimte voor een) GayPride kerkdienst is is er ook nog niet zo lang… Gelovige LHBT-ers komen vaker op de voorgrond en ook dáár viert de veelkleurigheid hoogtij. Van orthodox Christen tot feestbeest in de homoscene: ze voelen zich geroepen samen te komen in die mooie Keizersgrachtkerk rond Gods woord, dat ruimer, breder en toleranter is dan we vaak te horen krijgen. Veel duisternis blijkt goddelijk licht te zijn! Geregeld kom je mensen in de homowereld tegen die geloof en homoseksuele praxis, in al haar uitingsvormen, bijna naadloos weten de combineren.

Misschien zie je met hetgeen ik nu onder woorden breng je eigen leven voorbijtrekken. Jouw opvattingen. Jouw meningen. Jouw levensvisies. Jouw beleving van jouw (homo)seksualiteit. Jouw geloof. En al jouw persoonlijke verschuivingen daarin.

Het leven kent licht. Het leven kent duisternis. Het hoort bij elkaar. Maar wees er niet bang voor.  Licht en duisternis kunnen niet zonder elkaar bestaan. Bezie de duisternis niet negatief, want er is licht … altijd! Ook over hetgeen soms in de duisternis gebeurt…

Ik wens iedereen een ver-LICHT 2014!

Advertenties

Thuis komen

Na een vakantie zien velen er altijd wel in enige mate tegenop om weer naar huis te gaan, thuis te komen. Als dat zo is mag je eigenlijk dankbaar terug kijken op een geslaagde vakantie. Stel je voor dat je op je vakantieadres al terug verlangt naar het tikken van je vertrouwde klok…

In ons geval was ons verblijf op de camping nabij Keulen rond de Gay Pride aldaar eigenlijk te kort en was de zalige rust op de camping na het vertrek van een wel bijzonder asociaal groepje Duitse potten en alle overige regenbooggasten extra aantrekkelijk om te blijven. We hadden dan lekker kunnen hangen bij de tent, kijkend naar de voorbij varende rijnaken en fietsen in de omgeving in plaats van heen en weer te trappen tussen camping en Keulen. Of misschien gewoon op een terrasje mensen kijken, het normale percentage homo’s voorbij zien flaneren op de boulevard. Dat deden we ook tijdens de drukke Pride-dagen, denkend aan Bram, die we op de dag van vertrek nog spraken. Hij sprak geëmotioneerd over de grote verassing, toen daags tevoren de zomereditie van UCEA uit de enveloppe kwam… Hij sprak moeilijk, maar ik zag als het ware door de telefoon zijn ogen twinkelen, toen we beloofden aan hem te denken als we naar het mannelijk schoon zouden gaan kijken. Commentaar van zijn zoon, een week later: “De ouwe snoepert!”

Die week was nog niet voorbij, toen ik, net thuis uit Keulen, van die zoon een sms-je kreeg met het bericht dat Bram in slaap was gebracht. Het ging niet meer. Nu werd het wachten, wanneer Bram uit zijn stevige cocon zich zou ontpoppen en van ons zou gaan wegfladderen. Dat werd vrijdagochtend rond half acht. Bram mocht Thuiskomen.

Zoveel als ik er tegenop zag om na onze korte vakantie thuis te komen, zo weinig zag Bram er tegenop om Thuis te komen. Die angst had hij niet. Wel verdriet om familie en lieve vrienden van binnen en buiten CHJC achter te laten. Maar de boventoon was dankbaarheid. Bram was dankbaar voor zoveel medeleven, voor al het moois dat hij mocht meemaken in zijn leven. Die dankbaarheid straalde ook af van de afscheidsbijeenkomst in het crematorium van Zoetermeer. Daar denkt menig aanwezige ongetwijfeld nog vaak aan terug.

Het heengaan van bisschop Bluyssen was de derde bisschop op rij dit jaar die overleed. Een man van dialoog met eerbied voor de mensen. Een man die eraan werkte dat de Kerk een warm Thuis zou zijn voor velen. Wat kwam hij van een koude kermis thuis en wat was hij blij met Paus Franciscus!

Ook prins Friso kwam, op de geboortedag van deze column, Thuis. Het was niet lang na zijn thuiskomst op Paleis Huis ten Bosch. Mag ik zeggen ‘eindelijk’? Eindelijk na die uitzichtloze periode? Een zware periode voor zijn vrouw, zijn kinderen, zijn moeder, zijn broers, zijn familie en vrienden gaat over in berusting.

Wat gaaf om te zien dat er aardse engelen zijn, die lijdende mensen bijstaan! Wat troostvol om te weten dat Hemelse Engelen ons eens zullen Thuisbrengen!

Inmiddels is de vakantie weer voorbij, hebben we nog een lang weekendje Amsterdam gedaan, óók in verband met de Gay Pride en was het ook hier weer even thuiskomen toen we een mooie GayPride-kerkdienst meemaakte met veel belangstellenden en bekenden in de Keizergrachtkerk.

Thuiskomen. Gewoon na een vakantie, op het eind van je leven of tijdens je leven momenten weten van thuiskomen bij jezelf. Een diep geluk ervaren en dat eigenlijk altijd willen vasthouden. Dat moment, waarop Hemel en aarde elkaar schijnen te raken… een Godsontmoeting?

Welkom!

All together now! Gay Pride Kerkdienst 2011 A’dam

In het kader van de Gay Pride 2011 te Amsterdam vond er in de Keizersgrachtkerk een indrukwekkende en drukbezochte Gay Pride-kerkdienst plaats op zondagochtend 7 augustus. Het  thema was ‘All Together Now’.

De zang werd verzorgd door een groot Gay Pride-gelegenheidskoor, begeleid door Onno Krijn op piano en met solo’s en duetten door Izaline Calister en Leoni Jansen (oud-presentatrice JeugdJournaal). De gehele viering was warm en inspirerend. En met name het duet “Omhels me dan” was voor ons tweetjes, menig kerkganger èn de solisten zelf een ontroerend gebeuren! De schriftlezing, die verzorgd werd door minister  Marja van Bijsterveldt, kwam uit het bijbelboek Handelingen, hoofdstuk 2, 1-18.  Naar aanleiding van dit gedeelte heeft homo-theoloog Adriaan van Klinken in de dienst de volgende overweging  gehouden:

Iedereen spreekt mee van  Gods daden

They were all together in one place.’  Het klinkt bijna als het thema van de Gay Pride, maar het is de openingszin van  het verhaal dat zojuist is gelezen. Het ‘all together’ slaat hier op de  leerlingen van Jezus. In het vorige hoofdstuk van het bijbelboek Handelingen kun  je lezen hoe Jezus na zijn opstanding afscheid van hen heeft genomen. De  leerlingen gaan terug naar Jeruzalem. ‘Vurig en eensgezind wijdden ze zich aan  het gebed.’ Je ziet het zo voor je: de elf discipelen, een onbekend aantal  vrouwen, waaronder Maria de moeder van Jezus, en de broers van Jezus, troost  zoekend bij elkaar, biddend in een kring. Op de dag van het joodse Pinksterfeest  zitten ze zo bij elkaar. ‘All together’, staat er, maar feitelijk was het een  klein gezelschap van intimi, verbonden in hun herinnering aan Jezus. Tja, ook in  een kleine kring kun je ‘all together’ zijn. Net als wanneer je alle  christelijke homo’s op een heilig bootje zet: heel knus en gezellig. All  together, maar in een klein groepje.

Toch is  dat bij die leerlingen van Jezus blijkbaar niet de bedoeling. Want terwijl ze zo  samen zijn ontstaat er reuring, niet van de straat maar uit de hemel. Het staat  er allemaal kort en bondig maar het klinkt spectaculair: een sterke windvlaag  uit de hemel die het hele huis vervult, vuurtongen die zich op de hoofden van de  aanwezigen zetten. En alle aanwezigen, zo schrijft Lukas, ‘werden vervuld van de  heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun  door de Geest werd ingegeven.’  Het kleine kringetje waarin ze all together zijn wordt opengebroken  door een frisse wind. Want dat is wat die heilige Geest die hier genoemd wordt  doet: waaien als de wind, soms zachtjes suizend om mensen te inspireren, soms  wervelend als een storm om mensen in beweging te krijgen. In de kerk noemen we  haar ‘heilige Geest’ of ‘Adem van God’. In het gewone leven spreken we over  ‘inspiratie’ en ‘geestkracht’. Ze is als het ware de energie van Gods  aanwezigheid in en onder mensen. In dit verhaal waait die Geest naar binnen en  breekt de kring van leerlingen open. En spontaan gaan ze in andere talen  spreken.

Grappig: het Griekse woord voor ‘anders’ is heteros. Oftewel: die leerlingen van  Jezus worden hetero gemaakt. Ik bedoel niet dat hun seksuele voorkeur veranderd  werd, want ik geloof nooit dat de goddelijke Geest druk is met homogenezing.  ‘Hetero’ betekent hier dat hun gerichtheid op elkaar en op het eigen kringetje  wordt verlegd naar dat wat anders is, niet vertrouwd, oftewel queer. Het Engelse woord ‘queer’ wordt  vaak gebruikt als verzamelnaam voor LHBT’s, iedereen die afwijkt van de  heteroseksuele norm. Maar er is nog een andere betekenis. Dan staat ‘queer’ voor  een manier van denken – over mensen, hun seksualiteit en identiteit – die zich  niet laat inkaderen maar telkens ‘out of the box’ durft te gaan en inclusief  probeert te zijn. Want steeds weer zie je dat mensen identiteit creëren om  anderen buiten te sluiten. Een christelijke identiteit om homoseksuelen buiten  te sluiten; een homo-identiteit om biseksuelen en transgenders uit te zonderen;  een Nederlandse joods-christelijke identiteit die gekenmerkt zou worden door  homo-tolerantie maar die vooral gebruikt wordt om andere minderheden uit te  sluiten. Het ‘all together now’ is hier ver te zoeken. “Queer” betekent dat je  kritisch staat tegenover alle hokjes en vakjes die we gebruiken om onszelf te  identificeren, dat je de grenzen bevraagt en zoekt naar degene die er buiten  valt. Uiteindelijk doe je dat omdat je gelooft dat God zich niet op laat sluiten  in onze kaders; God is telkens weer anders dan wij denken en houdt zich op onder  andere mensen dan wij zouden vermoeden.

Zo zet  Gods Geest in dit verhaal de leerlingen van Jezus in beweging. Ze gaan andere  talen spreken. En met succes. Want, zo lezen we: er zijn mensen in de stad  afkomstig van over heel de aarde. Als zij afkomen op het gebeuren horen zij de  leerlingen allemaal in hun eigen taal praten. Verbaasd roepen ze uit: ‘Het zijn  toch allemaal Galileeërs die daar spreken? Hoe kan het dan dat wij hen in onze  moedertaal horen?’ Het mag duidelijk zijn: Gods Geest trekt hier de kring van  Jezus’ leerlingen wijder en breekt hun beslotenheid open. Mensen van allerlei  afkomst verstaan ineens de boodschap van een stel vissers uit Galilea; de  barrière van taal vervalt, de grenzen van cultuur en etniciteit spelen geen rol  meer.

Je  vraagt je misschien af waar die leerlingen dan over spraken. Het opvallende is  dat dit niet vermeld wordt. Alle nadruk ligt op het feit dat iedereen het kon  horen. Maar wat ze dan hoorden? De tekst geeft wel een indicatie: de omstanders  zeggen dat ze de discipelen horen spreken ‘over Gods grote daden’. Maar wat zijn  dat? Als het in het Oude Testament gaat over de grote daden van God, gaat het  over het optreden van God ten gunste van mensen, zoals de bevrijding van Israel  uit slavernij.[1] Als de  discipelen het op deze pinksterdag over Gods daden hebben, ligt het voor de hand  dat ze spreken over de opstanding van Jezus.[2] Dat is immers ook een bevrijdend  handelen van God: het leven van Jezus en zijn missie van het Rijk van God voor  alle mensen leek doodgelopen, maar wordt door God juist bevestigd.

De  tekst zelf geeft dus niet direct antwoord op de vraag over welke goddelijke  daden er gesproken wordt. Ik zou zeggen dat het verhaal daarmee ruimte schept.  Ruimte aan de omstanders toen: zij hoorden ineens in hun eigen taal over die  daden van God. ‘Horen’ betekent niet alleen het letterlijke verstaan, maar het  werkelijk ontvangen en beantwoorden van die woorden.[3] Dat antwoord mochten ze dus ook  geven in hun eigen taal, vanuit hun eigen afkomst en identiteit. Eenzelfde  ruimte is er voor ons vandaag. Wij worden aangesproken in onze eigen taal en  horen hoe mensen Gods aanwezigheid hebben ervaren. We kunnen die woorden naast  ons eigen leven leggen. We worden uitgenodigd om antwoord te geven vanuit onze  eigen ervaringen. En dan blijkt dat wij kunnen meepraten over opstanding en  bevrijdende goddelijke aanwezigheid in ons leven. En als je dat niet kunt, omdat  God eerder de afwezige lijkt dan degene die grote daden doet, dan mag dat ook  worden gezegd, zo blijkt bijvoorbeeld uit de Psalmen. Bij God zijn er geen  hokjes en vakjes: iedereen wordt aangesproken, iedereen mag antwoord geven; alle  stemmen worden gehoord.

Eigenlijk ben ik wel benieuwd naar de verhalen die komen wanneer we ons  in deze ruimte begeven. Welk verhaal zou jij willen delen? Zelf zou ik vertellen  over mijn huwelijk een paar maanden geleden; over die prachtige viering in een  kerk vol met mensen die allemaal hun eigen gedachten hebben bij het  “homohuwelijk” maar die vol vreugde om ons heen stonden. Tien jaar geleden had  ik me dit niet voor kunnen stellen. Toen zat ik nog te tobben met mijn  coming-out: hoe doe je dat, geloof en seksualiteit bij elkaar brengen? Voor  velen van jullie herkenbaar, en sommigen zitten er misschien nog midden in. Ook  tijdens die worsteling kun je God trouwens ervaren: wellicht niet door grote  daden, maar door een stille aanwezigheid. Anderen hebben die fase al lang achter  zich gelaten, of hebben hem zelfs nooit gekend. Maar ook dan heb je een verhaal,  ben je iemand met een eigen taal – en in die taal mag je horen en antwoord  geven, je verhaal doen. Bevrijding, opstanding – dat zijn de daden van God in  het verleden. Wat zou het mooi zijn als we met elkaar konden delen hoe ieder van  ons dit verstaat in zijn of haar leven, in relatie tot onze seksualiteit, het  verlangen naar intimiteit, het vallen-en-opstaan van onze relaties. Als we  daarover gaan spreken wordt de Gay Pride een nieuw  Pinksteren.

Wanneer  we onze verhalen inderdaad gaan vertellen, dan kun je natuurlijk de reacties al  voorstellen. Alleen het bericht over deze kerkdienst leidde van de week al tot  een stroom van reacties vol afkeer op Kerknieuws.nl. Daar in Jeruzalem, toen de  leerlingen enthousiast spraken over de daden van God, reageerden de omstanders  met verbijstering. Sommigen zeiden: ‘Ze zullen wel dronken zijn.’ De apostel  Petrus haakt hier meteen op in. Deze mensen zijn niet dronken, zegt hij. Wat  hier gebeurt is de vervulling van een oude profetie. Petrus citeert de profeet  Joel die zegt: ‘Aan het einde der tijden, zegt God, zal ik over alle mensen mijn  geest uitgieten. Dan zullen jullie zonen en dochters profeteren, jongeren zullen  visioenen zien en oude mensen droomgezichten.’ Joel stelt hier dat iedereen mee  mag praten over Gods daden: jong en oud, mannen en vrouwen, slaven en slavinnen.  Als de Geest over hen komt mogen ze mee praten en mee dromen over Gods  aanwezigheid in hun leven, in deze wereld. Petrus past die profetenwoorden toe  op het gebeuren in Jeruzalem. Dat is geen dronkenschap maar de vervulling van  een oude belofte. De Geest van God komt over alle mensen. Vandaag trekken wij de  lijn door naar Amsterdam. Wij vieren vandaag dat de Geest van God zich nog veel  breder uitstort dan Petrus ooit had kunnen vermoeden (laat staan zijn opvolger  op aarde): over lesbo’s en transgenders, homo’s en biseksuelen, zelfs over  hetero’s; over iedereen die in andere talen durft te  spreken.

Misschien wordt het een spraakverwarring, al die talen en verhalen door  elkaar. Maar in Jeruzalem was er een Geest die mensen elkaar deed verstaan.  Laten we hopen, laten we geloven, dat die Geest ook ons zal vervullen. Dat we  elkaar verstaan over politieke tegenstellingen heen, dat we elkaar verstaan over  de grenzen van kerken en religies, dat we elkaar verstaan buiten de hokjes en  vakjes van onze seksualiteit en identiteit. Want God laat zich niet opsluiten in  onze kaders. En de Geest geeft ons de droom van All Together Now: een bevrijde,  tot haar recht gekomen wereld waarin we werkelijk ‘all together’ zijn. Daarvoor  moeten we allemaal onze grenzen over, queer worden, en open staan voor wie  anders is dan wijzelf. Daar heb je heldenmoed voor nodig. Daar heb je  Pinkstergloed voor nodig.[4] Daarom bidden we een eeuwenoud gebed: Veni Creator Spiritus. In modern  Nederlands: Come Holy Spirit Now.

—————–

[1] Bijv.  Deut. 11:2; Joel 2:21; Jezus Sirach 50:22.

[2]Zie ook Hand. 1:22 waar  Petrus de nieuwe taak van de discipelen omschrijft als het getuigen van Jezus’  opstanding.

[3] Zie  bijv. Lukas 8:15, 11:28, 14:35.

[4] Liedboek voor de Kerken, Gezang 242: 1.