Zin en onzin

Anti-ZwartePiet-demonstratie, Paus contra kardinalen en zoenende mannen op kledingmerk-poster. ©collage Emmanuel

In elk tijdsgewricht is er wel wat aan de hand in de samenleving. Er valt altijd wel wat te klagen, te zeuren, te mopperen, te miepen,te zeiken. De huidige sociale media wakkeren dat, bewust of onbewust, nog eens extra aan. Waar je vroeger alleen je eigen omgeving dood gooide met je ongezouten mening en je vervolgens ongezouten weer werd teruggezet, slingert iedereen nu zijn of haar (of *onzijdig*) mening de a-sociale media-wereld in, waar door de oeverloosheid iedereen verzuipt in de tsunami’s aan onderbuikgevoelens. Een klein onbeduidend groepje vergiftigt het samen-leven, drijft mensen uit elkaar èn creëert angst voor repressie. Je ziet dat overduidelijk in de Zwarte Pieten-discussie, maar ook in de Rooms-Katholieke Kerk rond voor- en tegenstanders van Paus Franciscus.

Laten wij eens inzoomen op kleine groepjes.

Daar is dus het groepje Anti-Zwarte Pieten. Natuurlijk zitten daar een paar zwarten/donkeren/gekleurden/anders-getinten (< doorhalen waar je onderbuikgevoelens van krijgt) bij die zich gediscrimineerd voelen. Maar gezien de a-sociale wijze van ‘probleem-benadering’, discriminerende uitspraken en bedreigende angst-aanjaging (bv.: ouders die met kinderen naar de aankomst van Sint en Piet gaan, moeten maar wakker worden uit angstdromen, waarin hun kinderen onder de botsplinters zitten) verspreiden zij onder de mom van vrijheid van meningsuiting een gif in de maatschappij dat mensen tegen elkaar opzet, piijnigt en uitsluit. Waar zij zelf zo tegen zijn, vermenigvuldigen zij velen malen méér en wakkeren zij bij tegenstanders (de Pro-ZwartePiet-mensen oftewel de meeste Nederlanders) foute tegenstand aan (welke overigens ook niet goed te keuren is), waardoor het Anti-ZwartePiet-clubje zich de slachtofferrol kan aanmeten: “Wij doen niks fout!” Missie geslaagd, geleerd van de PVV.

Daar is dat RK-clubje Anti-Paus Franciscus-aanhangers. Leer tegenover praktijk, kerkvolk tegenover kerkbobo’s, kerkbobo’s tegenover Paus Franciscus, hiërarchie tegenover basis. Geloof is in feite al iets ongrijpbaars en dus sowieso multi-interpretabel. Maar waar het geloof de mens niet dient, maar alleen zichzelf, is het gedoemd middelpunt te blijven van kritiek en afkeer. Pas wanneer geloof het mens-zijn en het leven ondersteunt en eerbiedigt, zal het een afstraling zijn van God en Hem hierdoor present stellen in onze belevingswereld. Precies dàt was het doel en de roeping van Jezus.

De laatste tijd hoor ik meer en meer kritiek op de zogenaamde hedendaagse ‘homo-lobby’, kritiek die bijna altijd meewarig praat over transgenders die ‘erbij willen horen’, dat ‘gender-neutraal’ ineens het nieuwe ‘toverwoord’ schijnt te moeten zijn en dat ‘alles maar moet kunnen’, zoals kinderen adopteren/krijgen via ‘kronkelwegen’. En dan heb je natuurlijk nog dat ‘homohuwelijk’.

De PKN wil het kerkelijk huwelijk (nog) niet openstellen voor andere koppels dan m/v en op Tholen zijn 22 van de 33 kerkraden unaniem verenigd in hun antipathie tegen het hijsen van de Regenboogvlag op de jaarlijke Coming Out Day (11 oktober) en de koopzondag, want dat is allemaal tegen Gods Wil.

De Kerk zegt het geweten te vertegenwoordigen van het volk. De Anti-ZwartePieten-club wil het geweten zijn van gediscrimineerde bevolkingsgroepen. De LHBT-ers, op vele wijzen verenigd, willen het geweten van Kerk en maatschappij wakkerschudden. En de ander is natuurlijk per definitie de schuld van het gif dat Kerk en maatschappij verziekt.

Het ‘geweten’ zijn, kritiek hebben, Kerk en maatschappij beter maken: het heeft slechts zin, nut, betekenis en kans van slagen, wanneer IEDER mens en IEDER mensenleven geëerbiedigd wordt. Dat ‘eerbiedigen’ is, dankzij Pater Jan van Kilsdonk SJ, hèt sleutelwoord in mijn leven geworden bij mijn handelen, spreken en schrijven. Het is voor mij als een spiegel. En hoe vaak moet ik mijzelf niet terechtwijzen…

Waar het geweten verdwijnt, verliezen we het mededogen en worden we meedogenloos. Eerbied brengt het geweten weer tot bloei. Mooie opgave in ons huidig tijdsgewricht!

Advertenties

Thuiskomen


De kop hierboven heeft een warme uitstraling, iets intiems. Thuiskomen voelt als terugkeren in een warm nestje. Thuiskomen van je werk is en klinkt alledaags, maar als je er wat langer bij stilstaat zul je merken dat het een veel diepere lading heeft die we niet altijd onderkennen.

Thuiskomst van de verloren zoon. Schets van ©Rembrandt van Rijn.

Thuiskomen. Wie de vele schrijnende beelden in de media ziet van vluchtelingen (met welke achtergrond dan ook) die huis en haard verlaten hebben, prijst zich hier in Nederland gelukkig en bevoorrecht om warm en beschermd in een huis te mogen zitten met veel comfort en luxe. Na het installeren van een nieuwe thermostaatkraan in onze douchecel overkwam mij spontaan dat luxe-gevoel, afgezien nog van wat dat ding kostte….

Lees meer over dit bericht

Over boordjes vallen

In 2014 vierde de Protestantse kerk Nederland, afgekort PKN, haar 10 jarig bestaan. Mede vanwege het feit dat de aanloop naar deze fusie lang en moeizaam was, werd het plan opgevat om dit eerste decennium te vieren en extra luister bij te zetten door tal van activiteiten en initiatieven.

Ik ga hier niet in op de inhoud van al die festiviteiten. Ieder mag daar zijn eigen gedachten, gevoelens en meningen over hebben.

Op woensdag 23 september 2014 verzamelden enkele honderden predikanten van de PKN zich op de Dam in Amsterdam, velen in vol ornaat. Ze voegden zich tussen de toeristen, dagjesmensen en Amsterdammers, om zo tevens te benadrukken dat zij, zoals scriba dr. A. J. Plaisier eerder die dag in de Nieuwe Kerk sprak, „predikanten voor het volk” zijn. Nadat tot verrassing van de omstanders het Halleluja van Handel gezongen was, ging ieder weer zijns of haars weegs.
image

Kritiek kwam er uit ‘Roomsche’ hoek, nadat was opgepikt dat onder de PKN-predikanten met de slogan “Doe eens gek, draag een boordje!” collega-predikanten (vrijblijvend!) op het idee werden gebracht om ter herkenning een witte boord (de zgn. collaar) te gaan dragen, zoals priesters die ook in sommige gevallen plachten te dragen. De Roomse hoek struikelde over haar eigen woorden om haar kritiek kracht bij te zetten. Enkele visies waren: de collaar is van de Roomse Kerk, daar moeten anderen van af blijven; de herkenbaarheid van de Roomse priesters verdwijnt: protestanten gaan pronken met Roomse veren: dit schaadt de oecumene.

Zo laten mijn Rooms-Katholieke soortgenoten weer eens zien wat voor een enorme balk ze voor hun kop hebben, om nog maar niet te spreken van de beroemde splinter, zijnde de woede die hen verblindt! Men gaat in deze kortzichtige reacties volledig voorbij aan het feit, dat tal van andere Christelijke richtingen de collaar al zeer lang gebruiken. En daar is nooit kritiek op geweest!

Denk hierbij aan de mannelijke en vrouwelijke priesters van de Oud-Katholieke Kerk en de Anglicaanse kerk. Maar vergeet niet dat de voorgangers (ook m/v!!) van de Lutherse Kerk in Scandinavië zich eveneens met de collaar onderscheiden. En in Engeland dragen gereformeerde predikanten eveneens de collaar!

Toegegeven: het dragen van de collaar is in de Nederlandse Rooms-Katholieke Kerkprovincie sinds de omwentelingen na het 2e Vaticaans Concilie drastisch afgenomen. De collaar is in Nederland de laatste decennia vooral binnen de groep van jong afgestudeerde orthodox-Roomse priesters gehandhaafd of opnieuw ingevoerd. Ik heb er alle begrip voor dat mijn vier dierbare Heerooms de priesterboord al lang geleden definitief afgelegden om zodoende niet boven het gewone volk verheven te zijn. Maar ik hoor ook, dat herkenbaarheid van een priester ertoe bijdraagt, dat mensen makkelijker contact met een geestelijke durven zoeken. Helaas zijn er in Nederland tal van orthodoxe priesters die door hun rechtlijnigheid en onbarmhartige uitspraken niet echt bijdragen aan een
positief en benaderbaar beeld van een ‘ge-boord-e’ voorganger…! Dan is de eveneens boord-dragende paus Franciscus een verademing!

Laat ik al die ‘Roomsche extremisten’ maar gelijk op hun nummer zetten: De slogan “Doe eens gek, draag aan boordje!” zou zo vanuit de ‘Roomsche’ hoek overgewaaid kunnen zijn. Nog maar twee decennia leden werd onder vele seminaristen gepronkt met priesterkleding en boordjes, de één maakte het nog doller dan de ander! Laat ik me netjes uitdrukken als ik zeg, dat er flink werd gegeild op de een mooie kapelaansstrik op de kont van de soutane! En de een wilde een nog opvallender cq duurdere witte boord dat de ander, waarbij de Tridentijnse collaar niet werd geschuwd. Dus waarover in de Rooms-Katholieke Kerk nog steeds tal van misstanden bestaan, beschuldigen diezelfde dragers anderen van pronken? Netjes gezegd: vreemd!

De insteek van voorgangers om herkenbaar te zijn is zo slecht niet. Het zou de eenheid onder de Christenen sieren om in deze herkenning het voortouw te nemen en ieders voorgangers de vrijheid te geven herkenbaar te zijn: collaar, kruisje of anderszins.

In mijn ‘conservatieve’ verleden was ik voorstander van een priesterboord, want daarmee was de Roomse Kerk zichtbaar. Later zag ik de priesterboord meer als een teken van de kerkelijke macht. Eigenlijk is het dat nog steeds want in principe is de collaar in de Roomse Kerk nog steeds verplicht. Het facultatieve karakter van de wijze van je onderscheiden als geestelijke, zoals dat in Nederland vorm gekregen heeft, heeft nog altijd mijn voorkeur. Daarom ook kan ik de vrijblijvende lol van de PKN-actie wel inzien. Let wel: een vrolijke noot met een serieuze ondertoon!

En wanneer een Rooms-Katholiek-in-doodsnood ineens een ‘wit geboorde persoon’ over zich heen gebogen ziet, hoort dat het een dominee is en vervolgens het hoofd afwent is in feite een zielenpiet. Wees blij dat een volgeling van Jezus zich om jou bekommert! Beter dan niks!

Ik eindig deze nuttige bijdrage in een reeds geluwde Christelijke storm-in-een-glas-water graag met het aanhalen van een citaat uit een interview met de getrouwde Oud-Katholieke pastoor Bernd Wallet, wiens vader, ds. Barend Wallet, als dominee aan de wieg stond van wat nu PKN heet:

En het dragen van een colaar, een “priesterboord”? Krijg je daar positieve of negatieve reacties op?

Ik doe het nu acht jaar. Toen ik Engeland pastoor was van een anglicaanse parochie was het verplicht – en ik ben het in Nederland gewoon blijven doen. Soms wordt er – ook in de Protestantse Kerk – op gewezen dat het “missionair” zou zijn, en dat ik soms ook zo. Maar het kan ook weerstanden oproepen. Ik voel me in de Nederlandse setting dan ook wel eens “bekeken”.

Met name in de tijd dat de grote misbruikschandalen in de rooms-katholieke Kerk naar buiten kwamen heb ik nogal wat verwensingen naar m’n hoofd gekregen. Dat was erg onplezierig – al kan ik wel tegen een stootje. En je vertegenwoordigt toch ergens ook de Kerk in al haar breedte.

Tenslotte: wat vind je nu van de discussie over het dragen van de collaar, “priesterboord” door steeds meer – ook vrouwelijke – protestantse dominees? Sommige rooms-katholieke priesters storen zich daar nogal aan, omdat zij daardoor in hun eigenheid niet meer herkenbaar zouden zijn.

Ach…. Leve de verwarring! Bovendien, het is een collaar. Het is geen “priesterboord”. En als je naar oudere prenten kijkt, dan draagt niemand een collaar – het is eigenlijk een heel recente ontwikkeling. Bovendien: in Engeland dragen ook de gereformeerde predikanten de collaar en zijn ze nauwelijks te onderscheiden van de anglicaanse clerus. Laat het toch een teken zijn van oecumenische verbinding in het geestelijk ambt.