Digitale discriminatie

Op 20 augustus 2018 verwijdert Delta het analoge signaal voor radio en televisie definitief en volledig van de kabel. Daarom hebben wij onlangs de digitale sprong gewaagd m.b.t. het luisteren naar de radio. Televisie kijken we al langer digitaal.

Onze NAD-tuner/versterker is niet digitaal voorbereid, maar onze Humax-decoder/recorder wel. Echter: verplicht digitale radio luisteren via onze (plasma-)televisie vinden wij belachelijk. Aldus hebben wij een extra snoer aangesloten van de Humax naar de NAD-tuner/versterker om zodoende op de Humax ons radiostation te kiezen en de radioprogramma’s via de geluidsboxen de woonkamer in te slingeren. Er moet dus een extra handeling verricht worden om radio te luisteren. Einde dure tuner?

Aangezien wij ook wel eens van de ’gemakkelijken’ zijn hebben we ook een analoge antenne aangesloten op onze NAD-tuner/versterker op een ander kanaal, dus die pikt vanaf vandaag het analoge signaal weer gewoon uit de lucht. Lekker ouderwets voor de vlotte momentjes in het leven!

We hebben, linksom of rechtsom, te dealen met het voldongen feit van volledige digitalisering van de kabel in Zeeland. Ik begrijp zeer goed de redenen. Analoge signalen nemen bakken ruimte in beslag ten koste van de uitdijende digitalisering. Maar de gewone consument wordt willens en wetens in veel gevallen tegen zijn wil en zonder gehoord te zijn meegesleurd in de voorthollende (lees: opgelegde en voorgekauwde) vooruitgang. Kwalitatief hoogstaand geluidsapparatuur van dik tien jaar oud, gekocht ‘voor het leven’ wordt teruggebracht tot een analoog apparaatje dat z’n waarde niet meer heeft.

Met deze ervaring van vandaag trek ik het lijntje eens door naar de zorgwekkende ontwikkelingen binnen ChristenQueer, een vereniging voor Christelijke LHBT-ers waar wij (nog) lid van zijn. ChristenQueer is het resultaat van een fusie van de twee zuster-verenigingen CHJC & ContrariO op 1 januari jl.

De digitale wereld is gesneden koek voor velen. Maar er zijn altijd mensen die het niet kunnen bijbenen, er moeite mee hebben dat de digitale wereld als het ware aan hen opgedrongen wordt. Bijna zou je mogen stellen dat wij weliswaar aan de ene kant discriminatie (bv. ten aanzien van onze geaardheid) verafschuwen en aan de andere kant, bewust of onbewust, discriminatie (mbt het digitaliseren van alles wat velen niet kunnen bijbenen) in de hand werken.

Ik kan redelijk goed omgaan met het grote WWW en wat ik er allemaal op kan doen. Ik heb Facebook. Ik heb die afgesloten voor buitenstaanders, maar vind het leuk om binnenstaanders af en toe te laten meelezen in mijn leven. Ik heb Twitter. Ik ben geen Trump, maar heb er mijn mening, ervaringen, vragen en leuke contacten. Ik snap niks van Snapchat en mijn Instagram heb ik na een paar weken weer gedeletet, omdat ik er gewoon niks mee doe. Ik heb email en moet er nog aan wennen dat er veel meer met email binnenkomt en dat ik er snel in verzand. En het online ontvangen van loonstroken, betaaloverzichten en wat-al-niet-meer; het is voor mij niet altijd even makkelijk bij te houden.

Nu kijk ik om mij heen. Ik zie vrienden die moeite hebben met wat ik hierboven aanhaal. Zij zitten niet op sociale media en hun email is bepaald niet hun hobby, om over de rest nog maar te zwijgen. Ook vrienden van onze ChristenQueer-regio ZWB zitten daar bij. Zij hebben ronduit moeite met het lezen en teruglezen van de digitale nieuwsbrieven van ChristenQueer. Een enkeling wil het uitprinten om het ter hand te nemen voor info en schrikt zich een hoedje als er twintig pagina`s uitgespuugd worden door z’n printer. Is dat raar of gek? Nee. Mag ik dat ChristenQueer kwalijk nemen? Nee. Ik snap de tijdsgeest en het gemak waarmee de meesten met de digitale wereld omgaan.

Ik wil wel waarschuwen voor de vanzelfsprekendheid van het digitaliseren. Ik probeer altijd weer opnieuw om niet te denken vanuit mijzelf, maar vanuit de blik waarmee de ander de wereld inkijkt en benadert. Dat is voor mij telkens weer een hele opgaaf.

Ik werd mij dat onlangs weer eens bewust gedurende de reis naar Canada van mijn schoonzus-met-beperking (geestelijk en lichamelijk), waarin mijn partner en ik fungeerden als haar steun en toeverlaat, maar ook de dagplanning en rust probeerden te bewaren voor haar. Wij keken constant door haar ogen naar de invulling van de reis en luisterden naar haar wensen en verzoeken. Voorwaar geen sinecure, zeker als je beseft dat wij heel anders in elkaar steken met het invullen van zo’n verre reis.

ChristenQueer gaat op reis en alle reisgenoten zijn verschillend. De reisinfo is van cruciaal belang voor het enthousiasme en voor het betrokken blijven bij de reis. Wanneer reisgenoten de weg kwijt raken gaan ze verdwalen. Verdwalen in het oerwoud van het grote WWW en in de werkelijke wereld, waarin zij hun draai niet meer kunnen vinden. Opnieuw de kast in…..

Willen wij dat? Willen wij dat ouderen of mensen die niet handig zijn met techniek en apparatuur buitengesloten worden, omdat de digitalisering aan hen opgedrongen wordt?

Wat ChristenQueer betreft: een regelmatig verschijnend verenigingsblad zal er niet van komen. Een vertrouwd iets wordt ons ontnomen. Een richtsnoer, een wegwijzer, een tastbaar geluid en een leesbaar teken van verbondenheid…nee. Er wordt niet gedacht vanuit de ogen en beleving van de leden. Er wordt professioneel gedacht, iets wat deze fusie-vereniging niet kan trekken.

Jammer. De hoop vervaagt.

Terwijl hoop toch leven doet? Leven in een roze wereld die ons zo lief is en waarin wij de liefde roze mogen beleven. Roze liefde en lusten die wij kregen van onze Schepper. Roze met zoveel veelkleurigheid. Veelkleurigheid die blij maakt. Laat die hoop, dat leven, die veelkleurigheid, die blijdschap, die lust en die liefde niet verloren gaan!

Advertenties

Roze geloven

Het gehele jaar door vinden in Nederland her en der roze kerkvieringen plaats. Een aantal zijn met meer of minder frequente regelmaat. Soms wordt een bepaalde zondag of lezingen-cyclus hiervoor aangegrepen. Maar een bepaald kerkelijk feest kun je ook als aanleiding gebruiken, zoals bijvoorbeeld een Adventsviering in aanloop naar het Kerstfeest. En natuurlijk is de feestdag van de door de homowereld toegeëigende (erotisch afgebeelde) Heilige Sebastianus (20 januari) ook een mooie aangelegenheid. Of de Gay Pride…!

De Nederlandse homowereld heeft inmiddels in de persoon van Wielie Elhorst een toegewijde LHBT-predikant. Hij gaat voor in menig roze kerkdienst en reist bovendien kris-kras de wereld over om niet alleen de Nederlandse voortvarendheid op LHBT-gebied onder de aandacht te brengen, maar ook om steun te betuigen en medewerking te verlenen aan zovele onderdrukte gelovige homo’s’, lesbo’s, transgenders, biseksuelen en alle variaties die God in Zijn schepping heeft gelegd. Maar Wielie is ook gewoon predikant in zijn eigen PKN-gemeenschap in Bussum. Gewoon, naast al dat roze-gewone…!

In een kerkdienst komen mensen samen om te bidden, te zingen en iets mee te krijgen om het dagelijkse leven bemoedigd en gesterkt weer tegemoet te gaan. Dat geldt voor alle gezindten. Als de mensen van een andere gezindte als die van mij zich bemoedigd en gesterkt weten na de samenkomst is het goed. Als iemand er ontgoocheld van terugkomt is er iets mis. Hopelijk weet een kerkgemeenschap dat ten goede te keren. Maar vaak, te vaak nog steeds, voelen LHBT-ers zich niet thuis, niet welkom, niet bemoedigd in hun eigen kerk en vinden zij geen eerbiedig gehoor. Voor hen èn voor iedereen die verder wil en durft te kijken dan zijn of haar eigen kerkelijke grenzen zijn die roze vieringen vaak ware ogen-openers!

Een Bijbelverhaal leest met een roze bril heel anders als met een zwarte, grijze, geel-witte of welke kerkelijke ‘kleur’ dan ook. Waar de vriendschap tussen David en Jonathan in de traditie als ‘makkers onder mekaar’ wordt gezien, ziet die roze geloofsbril en menig nuchtere lezer daar toch wel wat meer in van liefde, genegenheid en tot elkaar aangetrokken worden, kortom een homo-vriendschap. Je kunt ook heel ver gaan met dat ‘roze lezen’ van de Bijbel, zóver dat soms zelfs menig door de roze wol geverfde gelovige homo zich achter de oren krabt….

‘Iedere ketter heeft zijn letter’ is een uitspraak die je ook wat anders kunt brengen. Iedere gelovige of gemeenschap zoekt, vindt en leest in de Bijbel de grond voor haar specifieke theologie, leefwijze en verkondiging. Je vindt in de Bijbel weinig feiten, slechts meningen en visies van mensen over God, lang geleden opgetekend. Dat vraagt niet om klakkeloos of letterlijk herhalen. Daar moet nieuwe en hedendaagse inspiratie uit voortvloeien. Dat is vaak koorddansen voor de voorgangers/predikanten. Zoveel gelovigen, zoveel meningen (geen feiten) over moraal, Bijbel, Jezus en God. En menig ‘inter-gezindten-discussie’ is dan niet zelden oeverloos dan wel volslagen zinloos.

Roze geloven: het gelovige leven in al haar facetten bezien door een roze bril. Je kunt natuurlijk een zwarte bril opzetten, maar met die roze bril heb je twee maal zoveel lol in je (gelovige) leven. Ja, ik kan dan anders kijken naar Jezus bijvoorbeeld. Wat zou Hij ervan vinden als iemand op een andere manier naar Hem kijkt? Dat vroegen Jezus’ leerlingen zich ook af (Markus 9,38+39) toen anderen van buiten hun clubje in Jezus’ naam net als zij ook duivels aan het uitdrijven waren. “Jezus, dat kàn toch niet!!!!” Waarop Jezus zei: “Ach, maak je niet zo druk. Dan zullen ze ook zo slecht niet over mij denken!”

Volgens mij had Jezus toen een roze bril op….